Haags coalitieakkoord: ambities voor woningbouw, woningverdeling en opvang
De coalitie bestaat uit Hart voor Den Haag, Haagse VVD, DENK Den Haag en CDA Den Haag. In hun akkoord noemen zij veiligheid, woningen, bereikbaarheid, economie, schone straten, groen en talentontwikkeling voor kinderen als terreinen waarin zij willen investeren.
Dit artikel beschrijft de ambities uit dat coalitieakkoord, niet de concrete uitgaven en besluiten uit een begroting. Het akkoord alleen biedt geen basis om de kritiek op de begroting te toetsen.
Jaarlijks 4.000 woningen als ambitie
Op wonen legt de coalitie de lat op jaarlijks 4.000 extra woningen. Ook wil zij een planvoorraad van minimaal 150 procent van de woningbouwopgave. Daarmee moeten er meer woningen in voorbereiding zijn dan het aantal dat de coalitie wil toevoegen.
Als stedelijke norm noemt het akkoord 25 procent sociale woningbouw, 45 procent middenhuur en betaalbare koop en 30 procent vrije sector. Voor woningzoekenden is die verdeling relevant: ze beschrijft op welke woningcategorieën de coalitie wil inzetten. Het akkoord toont op zichzelf niet welke projecten inmiddels financiering hebben of wanneer woningen beschikbaar komen.
Opvang en voorrang voor Haagse woningzoekenden
De coalitie streeft ernaar minimaal de helft van de vrijkomende sociale huurwoningen toe te wijzen aan mensen met binding met Den Haag. Van dat aandeel is volgens het akkoord in eerste instantie 80 procent bedoeld voor Haagse dak- en thuisloze mensen. Het gaat om een voorgenomen verdeling, niet om een aangetoonde wijziging die al geldt.
Daarnaast wil de coalitie de komende jaren 3.000 opvangplekken en tijdelijke doorstroomwoningen realiseren. In het akkoord werd daarvoor een plan in 2026 aangekondigd. Of dat plan inmiddels is verschenen, is met de beschikbare informatie niet vast te stellen. Met particuliere verhuurders wil de coalitie bovendien ten minste 100 betaalbare woningen reserveren voor mensen die uit de maatschappelijke opvang uitstromen.
Illustratieve foto. Foto: Hubertl, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons